Leergulzig

Hoop cultiveren, vernedering vermijden, angst overwinnen, vertrouwen scheppen en optimisme uitstralen. Over wat me beroert en wat me ontroert.


Een reactie plaatsen

De taxonomie van Bloom in de klas

Ingrid Molein, één van de 3 auteurs van het boek’ De taxonomie van Bloom in de klas’verheldert in dit webinar de herziene taxonomie van Bloom. 

Met de modernisering van het secundair onderwijs in Vlaanderen werden nieuwe eindtermen vastgelegd. Om de communicatie tussen overheid, onderwijsnetten, leerkrachten en leerlingen optimaal af te stemmen, werd ervoor gekozen om de eindtermen en leerplannen uit te schrijven op basis van de herziene taxonomie van Bloom, door Krathwohl & Anderson.

De taxonomie van Bloom en de herziene taxonomie van Krathwohl & Anderson zijn al jaren een inspirerend referentiekader.
Hoe ontwerp je als leerkracht je lessen zodat je de eindtermen en keerplandoelen doordacht en kwaliteitsvol kan doen landen op de klasvloer, rekening houdend met de noden van alle leerlingen? In tegenstelling tot vroeger zijn de eindtermen niet langer onderverdeeld in vakken, maar zijn ze gebaseerd op zestien sleutelcompetenties. Dit moet ertoe bijdragen dat jongeren beter voorbereid worden op een steeds sneller evoluerende maatschappij.

In dit webinar licht Ingrid Molein toe wat het concept van de herziene taxonomie van Bloom inhoudt en zoomt in op de cognitieve processen en de soorten kennis. Dit alles tegen het licht van het lesontwerp en de didactische componenten: de leervraag, de instructievraag, de evaluatievraag en de afstemmingsvraag.

Advertenties


Een reactie plaatsen

Maakt de leraar het grootste verschil of het team?

Dit artikel sluit perfect aan bij de strategie van Belbin teamrollen…

DUURZAAM ONDERWIJS

We kennen de ronkende verklaringen ondertussen allemaal: “De kwaliteit van een onderwijssysteem kan nooit hoger zijn dan de kwaliteit van de leerkrachten” en “ De leraar maakt het grootste verschil”. Snel in de mond genomen, en volgens Hargreaves en Fullan ook heel snel over het paard getild. In hun boek “Professional Capital” stellen ze het heel duidelijk: de kwaliteit van individuele leerkrachten doet er inderdaad toe, maar de kracht van het lerarenteam is nog veel belangrijker.

Dat drukken ze uit in de volgende formule:

PC = f (HC, SC, DC)

In woorden uitgedrukt: het professioneel kapitaal (PC) van een school is het product van de expertise van individuele leerkrachten (HC), hun gezamenlijke sociale kapitaal (SC) en hun gezamenlijke vermogen tot besluitvoering (DC).

Dat vereist enige toelichting:

HC = Human Capital = de professionele expertise van individuele leerkrachten. Op dit vlak zijn de kernvragen: Beheerst de individuele leerkracht haar vakinhouden en…

View original post 503 woorden meer


1 reactie

Jouw dood smaakt camparirood

Het smaakt bitterzuur. Het krieken van die dag. Boone, Lindemans,… geen Mort Subite.

Stijlvolle levendige robijnrode Los Vascossmaken savoureren wrang.

Geen kabouterbier dat nog achter de schermen Houffalize kan doen vergeten.

Het tere gulden dauwige van delicate vlierbloesem, het jaar voordien door jou geplukt, berustend in harmonieuze champagne. Ijl gedronken in een glazen roomer, weifelend aan je lippen gezet. Fragiel was je leven geworden.

Je keek weg. Je ogen beschonken van ziltige tranen.

Bitterzoet die laatste schildluisrode afdronk. Straks zou je in de eeuwige roes verzinken.

Jouw dood smaakt camparirood.


2 reacties

Belbin teamrollen

Meer dan ooit zijn teams dynamische eenheden die in steeds minder tijd steeds beter moeten presteren. Hoe komt het toch dat veel teams zich wel een team noemen, maar nauwelijks echt samenwerken? Dat directies geen vat krijgen op al die verschillende stijlen en persoonlijkheden in het team? Dat de teamleden zich alleen maar ergeren aan het anders-zijn van anderen en zich wanhopig afvragen waarom niemand begrijpt wat zij begrijpen?

De teamrollen van Belbin geven inzicht in de kwaliteiten van de teamleden waardoor je een betere teamwerking kan bevorderen. De teamleden kunnen de verschillende talenten van elkaar beter benutten en inzetten. Het teamrolmodel van de Britse wetenschapper Meredith Belbin is hierbij één van de meest beproefde methode in de organisatiepsychologie.

Sinds april 2017  ben ik Belbin teamrollen geaccrediteerd. Ik ben een echte Belbin teamrollenfan geworden. In België begint het teamrollenmodel nu pas wat bekendheid te krijgen. In Nederland is het model dankzij o.a. Rob Groen al veel meer ingeburgerd. Ik volgde bij hem de Belbin teamrollen masterclass.

Belbin coach

Belbin certificaat

Interesse gewekt? Contacteer me maar! boone.molein@skynet.be  0474455310

 

 


Een reactie plaatsen

kleine k en kleine c

Vijftig jaar na datum vraagt men zich in de media af wat de erfenis was van de summer of love van 1967. Hele reportages in de krant en een tentoonstelling in Oostende. Ik vind het een leuke insteek, die kortbij-geschiedenis van de voorbije halve eeuw.

De golden sixties lieten hun sporen na in zowat alle gemeenten. Hét volk raakte geschoold, geëmancipeerd en geëngageerd. Ook op het vlak van kleine k en kleine c: kunst en cultuur voor en door het volk. Amateurs en kunstenaars die vrijwillig engagementen opnamen omwille van de democratisering van de kunsten. Misschien is die onbaatzuchtige culturele ontvoogding nog wel de grootste erfenis uit de flower-power-periode. Denk maar aan de Gentse feesten jaren zestig-zeventig met wijlen beeldhouwer-zanger Walter De Buck, toen met Paula Monsart in commune- en hippie-stijl woonachtig in Merelbeke.

In Merelbeke was er een cultuurraad opgericht en werd in 1971 ‘Atelier 71’ boven de doopvont gehouden. Enkele hobbyïsten stelden in het huis van de familie Hebbelinck langs de Hundelgemsesteenweg een tentoonstelling op ter gelegenheid van de grote kermis. En van het een kwam het ander. Zoveel talent verdiende een gestructureerde aanpak. In 1971-1972 startte in de schoot van de cultuurraad een opleiding tekenen onder de deskundige leiding van Etienne Van de Velde, leraar-kunstenaar aan Sint-Lucas Instituut te Gent. Ze vonden onderdak in het stempellokaal van de RVA achter het toenmalig gemeentehuis. De heer Dries De Bock nam de leerling-schilders onder zijn hoede. Het ‘dopkot’ werd te klein en de groep trok naar klaslokalen in het GITO.  De woensdagavond werd dé avond waar alle deelnemers naar uitkeken. Onder de vele zelfstandigen die zo hun hobby konden beleven, bevond zich mijn moeder Hugette Rouan. Het is voor haar dat ik deze blog schrijf omdat zij een ode wil brengen aan zoveel vrijwillige engagementen van leraren-kunstenaars die Merelbeke rijk was. Etienne Van De Velde, woonachtig in de Kloosterstraat, is nog een van de weinigen die er kan van getuigen. Overleden zijn Dries De Bock leraar plastische opvoeding aan het GITO, Guido De Graeve schilder-glazenier en leraar aan de tuinbouwschool Melle, Godard Martens leraar aan Sint-Paulus, Nolle Versyp illustrator-graphicus en acteur, Jan Verwest schilder-beeldhouwer,… . Allemaal trotse kunstenaars die zich niet door overheden lieten dwarsbomen.

Mijn moeder heeft geen woensdagavond gemist. Er mocht van alles gebeuren in de bakkerij of in haar gezin maar gaan tekenen deed ze. Ze werd een fervente voorvechtster van de kleine k en kleine c. Er dienden zich steeds meer amateurs aan zodat ze moesten uitwijken naar de refter van de lagere school in de Kloosterstraat. Ook ‘de schilders’ o.l.v. Dries De Bock en de muziekacademie o.l.v. koster-organist Alfons Volckaert en Sylveer Reunes vonden er hun onderkomen.

Muziekacademie Merelbeke

Merelbeke: tekenclub Pro Arte op bezoek bij de muziekacademie met dirigent Silveer Reunes en Alfons Volckaert aan de piano. (H. Rouan)

En plots met de verkiezingen in aantocht in 1978 werden de subsidies voor de kleine k en kleine c geschrapt. De ‘tekenaars’ o.l.v. Etienne Van De Velde hebben dan maar hun eigen kleine k en kleine c opgericht: “Pro Arte” – kan het symbolischer! Een overheid kan talent niet tegenhouden! Ze waren niet te stoppen en dit privé-initiatief vond een nieuwe locatie in de kantine van voetbalclub Union aan de Gaversesteenweg. De ‘schilders’ vonden als Atelier 71 een onderkomen achteraan een kruidenierszaak, latere locatie van een ziekenkas, in de Poelstraat. De sportieve initiatieven in de voetbalclub, waar mijn vader Jozef Molein bij betrokken was, raakten overbevolkt en de tekenclub verloor alweer zijn locatie. Gevolg: een eeuwige zoektocht binnen en buiten Merelbeke naar ruimte voor hun hobby, hun talent. Met op gezette tijden een tentoonstelling hier of daar. Museabezoeken in binnen- en buitenland om inspiratie te halen en echte kunst te doorgronden. Met vaste en wisselende leden waaronder Marc Detelder, Jenny De Paepe-Van der Heyden, Maurice Vyncke, Robert De Leeuw, Hugo Brackenier, Van Damme, Octaaf Meiresonne, Gilbert Van Driessche, De Clercq, Willy Van Beveren, … .

Wat de leraren-kunstenaars hun volwassen leerlingen vooral leerden was het leren ‘kijken’. Alle kunst begint bij ‘kijken’ en ‘zien’.

Jong meisje

Tekenen naar levend model. (H. Rouan)

De overgebleven Pro-Arte leden zijn hoogbejaard maar dragen de kleine k en de kleine c nog steeds in hun grote hart ‘voor de kunst’. Ze kunnen er nog een boompje over opzetten! Afwachten wie in Merelbeke de fakkel van de kleine k en kleine c overneemt… Alleen met een toekomstig gebouw voor cultuur (?)  blaas je kleine k en kleine c geen nieuw leven in.

 


1 reactie

Ik ben mens in de 21ste eeuw. Mag ik ook fier zijn?

De immateriële waarden, die we vanzelfsprekend vonden en waar we veel minder bij stilstonden, hebben nog nooit zo voor controverse gezorgd als tegenwoordig. Het niet meer kennen, erkennen en herkennen van de kortbij geschiedenis van de gewone man uit de 20ste eeuw  in vele debatten die vandaag worden gevoerd, is medeoorzaak dat zoveel mensen misnoegdheid ventileren via sociale media. Deze uitlatingen zijn bijlange niet zo beladen bedoeld maar zijn een symptoom van een huidige tijdsgeest van politiek correct denken die de verwezenlijkingen van vorige generaties niet meer uitdrukkelijk valoriseert.

We hadden het allemaal zo wel wat voor mekaar. Iedere generatie keek enerzijds met waardering naar de voornamelijk zware en lastige arbeid van vorige generaties en anderzijds met wat scepsis naar de verwezenlijkingen en uitspattingen ervan. Jongere generaties trachtten met de nodige creativiteit, omwille van de economische terugval, bestaande structuren kritisch te bekijken en een en ander naar  hun digitale hand te zetten. We dachten dat de wetten en de gedragscodes nog wel verfijning konden gebruiken maar al bij al was er in dit land van melk en boter heel veel goed geregeld geraakt. Uit de 2 wereldoorlogen had men toch wel lessen getrokken. Mijn 84-jarige moeder, maatschappijkritisch, intelligent, belezen en bevlogen kan het niet meer bevatten. Zij hadden als naoorlogse generatie het land terug vorm gegeven, voor kinderen en ouderen gezorgd, hadden de carrières van hun echtgenoten gesteund, hadden een eigen huis verworven en daarbij ook nog gespaard voor hun oude dag. Ze hadden hun eigen moestuin om de noodzakelijke voeding zoveel mogelijk zelf te telen, hadden hun burgerplichten zoals legerdienst uitgevoerd, hadden zijdelings nog engagementen in sport- en non-profit organisaties uitgebouwd en mantelzorg en vrijwilligerswerk ter harte genomen. Gastarbeiders waren deelgenoot gemaakt in de economische heropbloei. Ze werden massaal toegelaten, mochten aan gezinshereniging doen. Onderwijs werd gedemocratiseerd voor jongens en voor meisjes. De vrouwenemancipatie zorgde ervoor dat gelijke rechten voor vrouwen werden afgedwongen. Kinderrechten werden evenzeer ernstig genomen.  Het toerisme bracht andere culturen in beeld en sloop onze voedingsgewoonten binnen en ga zo maar door…. Ook de Kerk moest een en ander met lede ogen zien gebeuren maar er was geen weg terug… Mijn moeder zegt het op haar manier: ‘De vrouwen – dankzij wetenschappelijke uitvindingen als dé pil – hebben in de jaren zeventig de poten van de heilige stoel weten af te zagen’. Op korte tijd leek een hele maatschappij zich opnieuw te hebben uitgevonden in het ‘vrije Westen’.

Met rasse schreden koos men met vallen en opstaan voor een meer democratische weg, de weg van de zogenaamde Verlichting: vrijheid, broederlijkheid en gelijkheid.

En plots of althans zo lijkt het wel, veranderde de wereld terwijl we er bijstonden en ernaar keken. Ook ‘onze’ wereld werd opgeslorpt in een negatieve spiraal van angst voor de andere, voor godsdienstvrijheid, voor…. Langs alle kanten, zij het links, zij het rechts of middenveld, worden commentaren en opinies uitgestrooid over de gebeurtenissen die de wereld in de ban houden. Het lijkt of alle houvast die men had opgebouwd wordt met de grond gelijk gemaakt. Nooit eerder worden begrippen als respect, democratie, solidariteit, tolerantie, mensenrechten, verdraagzaamheid, discriminatie, racisme, vergevingsgezindheid, naastenliefde, onbaatzuchtigheid… zo uitgehold of verkeerd uitgelegd. Interpretaties worden te pas en te onpas naar elkaars hoofd geslingerd. Hele generaties hadden de definities en reikwijdtes van deze begrippen via toegepaste initiatieven uit velerlei hoeken zoals onder andere katholieke godsdienst, zedenleer of humanisme aangeleerd gekregen en ten uitvoer gebracht. Hele generaties hadden zich hiervoor onbaatzuchtig geëngageerd in meerdere organisaties die daar de zichtbare uitlopers van waren.

Nu worden al deze begrippen op hun inhoud gepakt en onder druk geplaatst. Zelfs justitie, meester in het definitie-denken en het werken met gedetailleerde wettelijke vastgestelde begripsomschrijvingen, kan niet meer volgen en laat zaken gebeuren waar de publieke opinie niet meer bij kan. Straffeloosheid lijkt eerder regel dan uitzondering. Politie weet niet meer hoe het zichzelf, laat staan de burger kan beschermen. Het leger lijkt als uiterst verdedigingssysteem enkel ingezet te kunnen worden om in uniform uitgedost te paraderen en te surveilleren. Alle ontzag en gezag lijkt uit deze systemen te zijn gesmolten als sneeuw voor de zon. Rechtsregels lijken op drijfzand te zijn gebouwd. Bieden cultuur-christelijke invloeden in onze wetten dan geen houvast meer? Islam lijkt nooit eerder zo dreigend te zijn geweest als tegenwoordig omdat het lijkt dat het eeuwenoude principes wil afdwingen en op basis van oude geschriften de klok wil terugdraaien. De Koran als teletijdmachine naar middeleeuwse praktijken en achterhaalde visies om moslims te indoctrineren en niet-moslims te schofferen. Opiniemakers spuwen zonder gêne vingerwijzingen rond zodat ieder weldenkend mens zich met alle schuld voor zoveel onheil moet beladen. Zelfs onderwijs, dat in alle grootsteden al decennialang  aan leerlingen, van welke origine of  gezinssamenstelling dan ook, alle ontwikkelkansen probeert te geven en waarbij leraren tot het uiterste worden gedreven, wordt met een pennentrek vernederd en onderuit gehaald.

Hoe is het in godsnaam zo ver kunnen komen? Hoelang moeten we nog figuurlijk in de media om de oren worden geslagen met verwijten uit alle windstreken? Wanneer maken we met zijn allen een vuist om te zeggen: deze hetze moet stoppen! Wanneer pakken we onze fierheid terug op over alles wat we samen verwezenlijkt hebben en nog zullen realiseren? Wanneer zijn we weer trots op onze merites? De politici, de ambtenaren, de zorgarbeiders, de politie, de justitie, de leraren, de man en de vrouw die dagelijks gewoon in eer en geweten zijn/haar werk doen in ons aller maatschappelijk belang…. .

Het gaat niet om de discussie ‘Ik ben Vlaming. Mag ik ook fier zijn?’. Het gaat om mens-zijn na 21 eeuwen moeizame beschaving. En daar ben ik fier op.

 


Een reactie plaatsen

Over pizza’s en werkpostfiches

Preventiekronkels

bron foto: daroberto.nl bron foto: daroberto.nl

De werkpostfiche. Wat een gedrocht. Sinds kort ben ik meer dan vertrouwd met de interimsector. En in het “regelende KB” is de werkpostfiche nog altijd hot. Je moet je dat eens voorstellen, zo’n fiche. Een belediging voor de geschoolde preventieadviseur niveau I of II, een enigma voor de kleine zaakvoerder. Enkel ambtenaren kunnen zoiets bedenken.

Stel je hebt een pizzeria en je wilt een student voor het weekend. Je maakt je rekening, vraagt een offerte bij een lokaal interimkantoor en denkt dat het zo makkelijk geregeld is. Tot… de werkpostfiche.

“Wat zijn de risico’s?”, is nog een quasi volzin die je min of meer kan begrijpen. Maar wat versta je onder de holle woorden “Heffen en tillen”, “temperatuur” of “chemische agentia”… tja. Is een pizza rondzwaaien “heffen en tillen”? En die oven is natuurlijk warm. ’s Winters moet die student ook de vuilniszakken buiten zetten achteraf. En…

View original post 308 woorden meer