Leergulzig

Hoop cultiveren, vernedering vermijden, angst overwinnen, vertrouwen scheppen en optimisme uitstralen. Over wat me beroert en wat me ontroert.

Ik ben mens in de 21ste eeuw. Mag ik ook fier zijn?

1 reactie

De immateriële waarden, die we vanzelfsprekend vonden en waar we veel minder bij stilstonden, hebben nog nooit zo voor controverse gezorgd als tegenwoordig. Het niet meer kennen, erkennen en herkennen van de kortbij geschiedenis van de gewone man uit de 20ste eeuw  in vele debatten die vandaag worden gevoerd, is medeoorzaak dat zoveel mensen misnoegdheid ventileren via sociale media. Deze uitlatingen zijn bijlange niet zo beladen bedoeld maar zijn een symptoom van een huidige tijdsgeest van politiek correct denken die de verwezenlijkingen van vorige generaties niet meer uitdrukkelijk valoriseert.

We hadden het allemaal zo wel wat voor mekaar. Iedere generatie keek enerzijds met waardering naar de voornamelijk zware en lastige arbeid van vorige generaties en anderzijds met wat scepsis naar de verwezenlijkingen en uitspattingen ervan. Jongere generaties trachtten met de nodige creativiteit, omwille van de economische terugval, bestaande structuren kritisch te bekijken en een en ander naar  hun digitale hand te zetten. We dachten dat de wetten en de gedragscodes nog wel verfijning konden gebruiken maar al bij al was er in dit land van melk en boter heel veel goed geregeld geraakt. Uit de 2 wereldoorlogen had men toch wel lessen getrokken. Mijn 84-jarige moeder, maatschappijkritisch, intelligent, belezen en bevlogen kan het niet meer bevatten. Zij hadden als naoorlogse generatie het land terug vorm gegeven, voor kinderen en ouderen gezorgd, hadden de carrières van hun echtgenoten gesteund, hadden een eigen huis verworven en daarbij ook nog gespaard voor hun oude dag. Ze hadden hun eigen moestuin om de noodzakelijke voeding zoveel mogelijk zelf te telen, hadden hun burgerplichten zoals legerdienst uitgevoerd, hadden zijdelings nog engagementen in sport- en non-profit organisaties uitgebouwd en mantelzorg en vrijwilligerswerk ter harte genomen. Gastarbeiders waren deelgenoot gemaakt in de economische heropbloei. Ze werden massaal toegelaten, mochten aan gezinshereniging doen. Onderwijs werd gedemocratiseerd voor jongens en voor meisjes. De vrouwenemancipatie zorgde ervoor dat gelijke rechten voor vrouwen werden afgedwongen. Kinderrechten werden evenzeer ernstig genomen.  Het toerisme bracht andere culturen in beeld en sloop onze voedingsgewoonten binnen en ga zo maar door…. Ook de Kerk moest een en ander met lede ogen zien gebeuren maar er was geen weg terug… Mijn moeder zegt het op haar manier: ‘De vrouwen – dankzij wetenschappelijke uitvindingen als dé pil – hebben in de jaren zeventig de poten van de heilige stoel weten af te zagen’. Op korte tijd leek een hele maatschappij zich opnieuw te hebben uitgevonden in het ‘vrije Westen’.

Met rasse schreden koos men met vallen en opstaan voor een meer democratische weg, de weg van de zogenaamde Verlichting: vrijheid, broederlijkheid en gelijkheid.

En plots of althans zo lijkt het wel, veranderde de wereld terwijl we er bijstonden en ernaar keken. Ook ‘onze’ wereld werd opgeslorpt in een negatieve spiraal van angst voor de andere, voor godsdienstvrijheid, voor…. Langs alle kanten, zij het links, zij het rechts of middenveld, worden commentaren en opinies uitgestrooid over de gebeurtenissen die de wereld in de ban houden. Het lijkt of alle houvast die men had opgebouwd wordt met de grond gelijk gemaakt. Nooit eerder worden begrippen als respect, democratie, solidariteit, tolerantie, mensenrechten, verdraagzaamheid, discriminatie, racisme, vergevingsgezindheid, naastenliefde, onbaatzuchtigheid… zo uitgehold of verkeerd uitgelegd. Interpretaties worden te pas en te onpas naar elkaars hoofd geslingerd. Hele generaties hadden de definities en reikwijdtes van deze begrippen via toegepaste initiatieven uit velerlei hoeken zoals onder andere katholieke godsdienst, zedenleer of humanisme aangeleerd gekregen en ten uitvoer gebracht. Hele generaties hadden zich hiervoor onbaatzuchtig geëngageerd in meerdere organisaties die daar de zichtbare uitlopers van waren.

Nu worden al deze begrippen op hun inhoud gepakt en onder druk geplaatst. Zelfs justitie, meester in het definitie-denken en het werken met gedetailleerde wettelijke vastgestelde begripsomschrijvingen, kan niet meer volgen en laat zaken gebeuren waar de publieke opinie niet meer bij kan. Straffeloosheid lijkt eerder regel dan uitzondering. Politie weet niet meer hoe het zichzelf, laat staan de burger kan beschermen. Het leger lijkt als uiterst verdedigingssysteem enkel ingezet te kunnen worden om in uniform uitgedost te paraderen en te surveilleren. Alle ontzag en gezag lijkt uit deze systemen te zijn gesmolten als sneeuw voor de zon. Rechtsregels lijken op drijfzand te zijn gebouwd. Bieden cultuur-christelijke invloeden in onze wetten dan geen houvast meer? Islam lijkt nooit eerder zo dreigend te zijn geweest als tegenwoordig omdat het lijkt dat het eeuwenoude principes wil afdwingen en op basis van oude geschriften de klok wil terugdraaien. De Koran als teletijdmachine naar middeleeuwse praktijken en achterhaalde visies om moslims te indoctrineren en niet-moslims te schofferen. Opiniemakers spuwen zonder gêne vingerwijzingen rond zodat ieder weldenkend mens zich met alle schuld voor zoveel onheil moet beladen. Zelfs onderwijs, dat in alle grootsteden al decennialang  aan leerlingen, van welke origine of  gezinssamenstelling dan ook, alle ontwikkelkansen probeert te geven en waarbij leraren tot het uiterste worden gedreven, wordt met een pennentrek vernederd en onderuit gehaald.

Hoe is het in godsnaam zo ver kunnen komen? Hoelang moeten we nog figuurlijk in de media om de oren worden geslagen met verwijten uit alle windstreken? Wanneer maken we met zijn allen een vuist om te zeggen: deze hetze moet stoppen! Wanneer pakken we onze fierheid terug op over alles wat we samen verwezenlijkt hebben en nog zullen realiseren? Wanneer zijn we weer trots op onze merites? De politici, de ambtenaren, de zorgarbeiders, de politie, de justitie, de leraren, de man en de vrouw die dagelijks gewoon in eer en geweten zijn/haar werk doen in ons aller maatschappelijk belang…. .

Het gaat niet om de discussie ‘Ik ben Vlaming. Mag ik ook fier zijn?’. Het gaat om mens-zijn na 21 eeuwen moeizame beschaving. En daar ben ik fier op.

 

Advertenties

Auteur: Ingrid Molein

pedagogisch adviseur

One thought on “Ik ben mens in de 21ste eeuw. Mag ik ook fier zijn?

  1. een tekst waarin ik mij grotendeels kan vinden. Ik ontdek het nu. Ben je opgehouden Ingrid ? Ik hoop van niet ! Méér van dat aub…

Altijd fijn uw reactie te mogen lezen

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s